De eerste Bentheimer zandsteen wordt blootgelegd, schoongemaakt en vastgelegd. (foto: André Dümmer)
De eerste Bentheimer zandsteen wordt blootgelegd, schoongemaakt en vastgelegd. (foto: André Dümmer)

Archeologen leggen fundamenten van verdwenen watermolen bloot

Algemeen

TER APEL – De verdwenen watermolen bij het Klooster Ter Apel geeft langzaam zijn geheimen prijs. De afgelopen drie dagen hebben archeologen en studenten van de Rijksuniversiteit Groningen, samen met vakbekwame vrijwilligers, archeologisch bodemonderzoek uitgevoerd op de historische locatie langs de Molen Aa. Daarbij zijn 18 grote blokken Bentheimer zandsteen blootgelegd die mogelijk onderdeel zijn van de fundamenten van de eeuwenoude watermolen.

Dat er op deze plek een watermolen heeft gestaan, was al langer bekend. De Molen Aa, de beek die de molen van water voorzag, stroomt nog altijd langs de historische locatie. Ook was aan de oppervlakte al een grote steen zichtbaar die vermoedelijk onderdeel was van de voormalige molenconstructie.

Uit historische documenten is het nodige bekend over de watermolen. Zo wordt in 1466 gesproken over twee watermolens bij het klooster: een korenmolen en een oliemolen. Er zijn bovendien aanwijzingen dat er al vóór die tijd een watermolen op deze plek heeft gestaan. De molen vormde een belangrijk onderdeel van het zelfvoorzienende karakter van het middeleeuwse klooster. Toch waren er veel vragen. Hoe zag de watermolen er precies uit? Hoe was de constructie opgebouwd en op welke manier werd het water van de Molen Aa gebruikt om de molen aan te drijven? 

Vondst veelbelovend 

De afgelopen dagen werd daarom op verschillende plaatsen langs de Molen Aa voorzichtig gezocht naar sporen van de molen. Aan beide oevers werden grote blokken Bentheimer zandsteen vrijgelegd. Uiteindelijk kwamen in totaal 18 forse stenen aan het licht. De ligging en afmetingen van de blokken worden nauwkeurig vastgelegd. De vondst is veelbelovend. Het is goed mogelijk dat de stenen deel uitmaken van de oorspronkelijke fundering van de watermolen. Dat vermoeden wordt ondersteund door historische afbeeldingen en eerdere vondsten. Ook bij nog bestaande historische watermolens werd Bentheimer zandsteen toegepast voor funderingen en dragende constructies. Toch is nader onderzoek nodig om met zekerheid vast te stellen of de 18 blokken daadwerkelijk de oorspronkelijke fundamenten van de watermolen vormen en op welke manier ze onderdeel waren van de constructie. Vooral de onderlinge ligging van de stenen kan daarbij belangrijke informatie opleveren. 

Verdwenen bouwwerk komt weer tot leven

De watermolen verdween bijna twee eeuwen geleden uit het landschap, maar de sporen ervan blijken nog altijd in de bodem aanwezig. De archeologische werkzaamheden bieden een unieke kans om meer te leren over een bouwwerk dat een belangrijke rol speelde in de geschiedenis van het klooster. De onderzoekers hopen met de resultaten van het bodemonderzoek een beter beeld te krijgen van de omvang, constructie en werking van de middeleeuwse watermolen. Daarmee kan een ontbrekend hoofdstuk van de geschiedenis van Klooster Ter Apel verder worden ingevuld. Wat eeuwenlang verborgen lag langs de Molen Aa, is de afgelopen dagen voorzichtig aan het licht gebracht. De 18 Bentheimer zandstenen vormen mogelijk de tastbare resten van een bijzonder stukje Ter Apeler geschiedenis.